Gemeenten
G
EMEENTEN
Beleid voor mensen met een functiebeperking
Gemeenten
Beleidsontwikkeling voor mensen
In 1993 nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties unaniem de 22 Standaard-
regels voor Gelijke Kansen voor mensen met een handicap aan.
met een functiebeperking
Om te bouwen aan een samenleving waarin iedereen volwaardig burger kan zijn en ook zo
wordt gezien, is een planmatige en systematische benadering nodig. De Zweedse beweging
instructies voor gemeenten
van gehandicapten heeft een methode ontwikkeld waarmee gemeenten, en lokale belangen-
organisaties en platforms beleid kunnen maken dat gebaseerd is op de Standaardregels.
Deze methode, Agenda 22, is beschreven in deze publicatie en houdt in dat:
· de 22 Standaardregels als uitgangspunt worden genomen
Beleid voor mensen met een functiebeperking
· gemeenten en lokale zelforganisaties nauw samenwerken bij het ontwikkelen van beleid
voor burgers met beperkingen
· het beleidsplan concrete maatregelen en voorzieningen bevat, alsmede een plan van aanpak
voor de uitvoering van het beleidsplan
De Zweedse en Nederlandse gehandicaptenbeweging hopen dat de Agenda 22 methode aan-
knopingspunten en ideeën biedt om tot een goed beleidsplan voor burgers met beperkingen
te komen.
Het Nationaal Revalidatie Fonds:
actief voor mensen met een handicap
Een speciale fiets voor dwarslaesiepatiënten, vierhandengebarentaal voor doofblinde
mensen en met je stem te besturen computers voor mensen met een motorische handicap.
Het zijn slechts enkele van de vele projecten die door het Nationaal Revalidatie Fonds (NRF)
worden gesteund en gestimuleerd. Ook de productie van het document Agenda 22
is gerealiseerd met steun van het NRF. Het NRF vindt het belangrijk om met de publicatie
van de Agenda 22-methode bij te dragen aan het volwaardig burgerschap in de eigen
plaatselijke omgeving.
Colofon:
Doel van het NRF is om mensen met een handicap volwaardig deel te laten nemen
aan de maatschappij, ongeacht de aard of oorzaak van de functiebeperking.
Het NRF stelt financiële middelen beschikbaar aan niet-winstbeogende instellingen als
verenigingen en stichtingen voor projecten die een bijdrage leveren aan de brede terreinen
© Zweden: Handikappförbunden samarbetsorgan HSO, 2001
van preventie, revalidatie en (re)integratie.
(Samenwerkingsverband van gehandicaptenorganisaties)
Post Office Box 1386; SE 172 27 SUNDBYBERG, SVERIGE
Redactie: Maryanne Rönnersten
Tel: +46-8-546 404 20; Texttel: +46-8-546 404 50; Fax: +46-8-546 404 44;
E-mail: hso@hso.nl; Website: www.hso.se
J.F. Kennedylaan 101
3981 GB BUNNIK
© Nederland: Chronisch zieken en Gehandicapten Raad Nederland (CG-Raad), 2003
Telefoon: 030-6572022
Postbus 169, 3500 AD UTRECHT
Fax: 030-6570517
(Tekst)tel: +31-(0)30-2916600; fax: +31-(0)30-297011
E-mail: nrf@revalidatiefonds.nl
E-mail: bureau@cg-raad.nl; website: www.cg-raad.nl
Internet: www.revalidatiefonds.nl
Productiebegeleiding: CG-Raad, Rika Detmers
Bestellijn: +31-(0)30-2916650
Giro: 953
Vertaling: Bureau Vlinderveen Services, Vlinderveen 465, 3205 EE SPIJKENISSE
Redactie: Bureau Dubbel M, Kerkpad Zuidzijde 35, 3764 AM SOEST
Grafische productie: Tailormade, Postbus 725, 4116 ZJ BUREN
Gemeenten
Beleidsontwikkeling voor mensen
met een functiebeperking
instructies voor gemeenten
Agenda 22 is gebaseerd op de 22 VN Standaardregels voor Gelijke Kansen uit 1993 voor alle
mensen met een handicap: lichamelijk, zintuiglijk, verstandelijk, geestelijk , chronisch en verbor-
gen. In de tekst van de Standaardregels wordt verwezen naar de International Classification of Dis-
abilities, Impairments and Handicaps (ICIDH) van de Wereld Gezondheids Organisatie (WHO).
Deze indeling in specifieke handicaps, stoornissen en ziektes is in 2000 opgevolgd door de Inter-
national Classification of Functioning (ICF). De ICF verwijst niet zozeer naar de specifieke handi-
caps en ziektes, als naar de gevolgen voor het (maatschappelijk) functioneren van mensen. De
Agenda 22 is een methode voor alle belangenorganisaties om in eigen omgeving gelijke rechten te
bereiken. De 'handicap' wordt daarin niet gezien als een gebrek van een persoon, maar als een
gebrek in de fysieke en maatschappelijke omgeving. Om niemand uit te sluiten wordt in deze publi-
catie gesproken over mensen met functiebeperkingen.
heeft tot doel om de 22 VN-Standaard Regels vast te leggen in beleids-
plannen voor mensen met een functiebeperking van welke aard dan ook.
e landelijke overheid, provincies, gemeenten, instellingen,
Dhet bedrijfsleven, belangenorganisaties et cetera moeten:
· samenwerkingsverbanden opzetten met belangenorganisaties van
mensen met een functiebeperking, als gelijkwaardige partners,
· de eigen activiteiten doorlichten en toetsen aan de 22 Standaard
Regels, samen met alle belangenbelangenorganisaties van mensen
met een functiebeperking,
· een inventarisatie maken van de behoeften van mensen met een functie-
beperking, samen met de belangenorganisaties van deze mensen,
· specifieke beleidsplannen maken voor mensen met functiebeperkingen,
om de kloof te overbruggen tussen de nu beschikbare middelen en
de behoeften van deze mensen,
· in generiek beleid voor alle burgers in alle beleidsplannen en op alle
beleidsterreinen ook toekomstig beleid beschrijven voor mensen met
alle mogelijke functiebeperkingen,
· procedures beschrijven in de beleidsplannen voor de toekomstige
samenwerking met belangenbelangenorganisaties van mensen met
een functiebeperking,
· het beleidsplan regelmatig evalueren en aanpassen.
3
De belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking moeten
· in staat gesteld worden om hun ervaring structureel in te brengen
bij de uitvoering van het beleid,
· de evaluatie en bijstelling van het beleidsplan volgen en schriftelijk
vastleggen.
4
Inhoudsopgave
Inleiding - De mensenrechten als basis
8
Hoofdstuk 1 - Achtergrond
11
Gelijke kansen - een mensenrecht
11
Gebruik van kennis
12
De Standaard Regels als basis
13
a. Voorwaarden
13
b. Werkterreinen
14
c. Uitvoering
14
d. Toepassingen van de Standaard Regels
15
Hoofdstuk 2 -
17
Deel 1
Kenmerken van een goed beleidsplan voor mensen met een functiebeperking
19
· De Standaard Regels als handleiding
19
· Nauwe samenwerking met de belangenbelangenorganisaties van
mensen met een functiebeperking
19
· Inbedding in algemeen beleid
20
· Vrouwen, kinderen en immigranten
20
· Algemene en individuele maatregelen
21
· Keuzevrijheid
21
· De maatschappij als voorbeeld
21
· Toekomstige samenwerking met de belangenbelangenorganisaties
van mensen met een functiebeperking
22
· Doelstellingen
22
· Concrete maatregelen
23
· Evaluatie en bijstelling
23
5
Deel 2
Gelijkwaardig partnerschap
24
· Gelijkwaardigheid
24
· Tijd en geld
24
· Coördinatiegroep Agenda 22
25
· Werkgroepen
25
· Belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking
25
Deel 3
Van idee naar beleidsplan
26
Stap 1 - Inventarisatie van activiteiten van de gemeente, getoetst
aan de Standaard Regels
27
Stap 2 - Inventarisatie van de behoefte aan sociale dienstverlening
door mensen met een functiebeperking
28
Stap 3 - Samenvoegen, analyse en prioriteiten
29
Stap 4 - Opzet beleidsplan
30
Stap 5 - Vaststelling van beleidsplannen in de hoogste beleidsorganen
31
Hoofdstuk 3 - Vragen over de VN Standaard Regels
33
Voorwaarden
Regel 1. Bewustmaking
36
Regel 2. Medische zorg
38
Regel 3. Revalidatie en Reïntegratie
39
Regel 4. Ondersteunende diensten en voorzieningen
41
Werkterreinen
Regel 5. Toegankelijkheid
42
Regel 6. Onderwijs
45
6
Regel 7.
Werk
47
Regel 8.
Verwerving en behoud van inkomen en sociale zekerheid
49
Regel 9
Gezinsleven en persoonlijke integriteit
51
Regel 10. Cultuur
52
Regel 11. Sport en recreatie
53
Regel 12. Religie
55
Uitvoering
Regel 13. Informatie en onderzoek
56
Regel 14. Beleidsvorming en -planning
58
Regel 15. Wetgeving
59
Regel 16. Economisch beleid
60
Regel 17. Coördinatie van werk
61
Regel 18. Belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking
62
Regel 19. Training van personeel
64
Regel 20. Registratie en evaluatie van beleid
65
Regel 21. Technische en economische samenwerking
66
Regel 22. Internationale samenwerking
68
Hoofdstuk 4 - Voorbeeld van de opzet van een beleidsplan voor mensen
met een functiebeperking
69
7
Inleiding
De mensenrechten als basis
esluiten van lokale overheden beïnvloeden het dagelijks leven van
Bmensen met een functiebeperking, omdat huisvesting, schoolkeuze
of zorg in het geding zijn. Het is daarom belangrijk dat de overheid bij
alle besluitvorming rekening houdt met de gevolgen ervan voor mensen
met een functiebeperking.
De VN aanvaardde unaniem de Standaard Regels voor het creeëren van
gelijke kansen voor mensen met een functiebeperking. De Standaard
Regels vormen een uitstekend hulpmiddel voor het structureren van
beleid. De Zweedse belangenorganisaties van mensen met een functiebe-
perking ontwikkelden op basis hiervan een methode voor het ontwikkelen
van beleid, bekend als Agenda 22.
Mensenrechten vormen de grondslag van dit werk. Een goede samen-
werking tussen belangenbelangenorganisaties van mensen met een func-
tiebeperking en lokale overheden levert de beste resultaten op.
Agenda 22 heeft als ondertitel: "Lokale overheden instructies voor
het maken van beleid voor mensen met een functiebeperking". Er staan
suggesties om gemeenten en belangenorganisaties van mensen met een
functiebeperking, ideeën te laten uitwerken tot beleids- en actieplannen.
Hoofdstuk 2 bestaat uit drie delen:
· Deel 1: Kenmerken van een goed beleidsplan
· Deel 2: Gelijkwaardig partnerschap
· Deel 3: Van idee tot beleidsplan
Hoofdstuk 3 bevat een serie vragen over de Standaard Regels, bedoeld
om de naleving te toetsen door lokale overheden en belangenorganisaties
van mensen met een functiebeperking.
8
De lokale overheden in Zweden passen deze methode toe en in het hele
land zijn beleidsplannen voor mensen met een functiebeperking in ont-
wikkeling. Wij hopen dat andere landen ook van deze methode zullen
profiteren en daarom hebben wij het materiaal geschikt gemaakt voor het
gebruik in landen buiten Zweden.
De besluitvorming over alledaagse kwesties kan van land tot land ver-
schillen. Deze publicatie is vooral bedoeld voor iedereen die bij besluit-
vorming een rol speelt.
Stockholm
Oktober 2001
9
Hoofdstuk 1 - Achtergrond
Gelijke kansen - een mensenrecht
Mensen met een functiebeperking hebben soms meer ondersteuning van
de maatschappij nodig om dezelfde levensomstandigheden te bereiken als
andere burgers. Deze ondersteuning mag nooit be-schouwd worden als
een privilege: het is een recht van elk mens.
Het dagelijks leven van mensen met een functiebeperking kan vol
grote of kleine hindernissen zijn die hen verhinderen om hun eigen leven
te leiden. Het hóeft niet zo te zijn. Er bestaan oplossingen om veel onno-
dige hindernissen uit de weg te ruimen. De VN introduceerde in 1993 de
Standaard Regels voor gelijkschakeling van kansen voor mensen met een
functiebeperking, om deze mensen dezelfde rechten te garanderen als
andere burgers.
Dit lukt alleen met behulp van doelbewuste, systematische plannen.
Lokale overheden zijn vaak verantwoordelijk voor veel zaken die invloed
hebben op het dagelijks leven van mensen. Zij dragen daarvoor dus een
specifieke verantwoordelijkheid. Dit betekent dat er beleid moet komen
dat gericht is op het naleven van de Standaard Regels. De belangenorga-
nisaties van mensen met een functiebeperking zijn daarom onmisbaar als
partners bij het opstellen van beleidsplannen.
11
Gebruik van kennis
Nauwe samenwerking tussen lokale overheden en belangenorganisaties
van mensen met een functiebeperking is essentieel voor het maken van
effectieve plannen.
Alleen mensen die zelf een functiebeperking hebben, weten hoe het is om
te leven met een functiebeperking. Het ongebruikt laten van de kennis die
aanwezig is in de belangenorganisaties van mensen met een functiebeper-
king staat daarom gelijk aan verspilling van beschikbare middelen. Onge-
bruikt laten van die kennis betekent ook dat de vooruitgang naar gelijk-
waardigheid in de maatschappij zich vermoedelijk langzamer voltrekt dan
nodig is. De gemeente haalt zich extra werk en kosten op de hals, omdat
haar plannen in de praktijk onuitvoerbaar zijn en er geheel nieuwe plan-
nen moeten komen.
Standaard Regel 18, "belangenorganisaties van mensen met een func-
tiebeperking", beschrijft de rol die belangenorganisaties kunnen spelen
bij "het vaststellen van behoeften en prioriteiten en de inbreng in de plan-
ning, het invoeren en de evaluatie van diensten en maatregelen voor men-
sen met functiebeperkingen." Dit betekent dat de belangenorganisaties
moeten worden erkend als deskundigen. Zij dienen altijd te worden
geraadpleegd in zaken die hen betreffen. Dit vereist het uitdenken van
goede procedures voor het gezamenlijk opstellen van beleidsplannen.
12
De Standaard Regels als basis
De VN Standaard Regels omvatten 22 regels met standpunten over de
verantwoordelijkheid van landelijke overheden, richtlijnen voor beleid en
voorstellen voor concrete actie.
Het uitgangspunt van de Standaard Regels is dat alle burgers gelijk-
waardig zijn en daarom dezelfde rechten hebben. Het is de taak van de
maatschappij om de beschikbare middelen eerlijk te verdelen.
De Standaard Regels zijn ook gebaseerd op de zogeheten `omgevingsge-
relateerde opvatting over de handicap'. Dit betekent dat een handicap
zich kan voordoen tussen mensen met een functiebeperking en hun omge-
ving. Mogelijke oorzaken zijn tekortkomingen van de fysieke omgeving of
een hiaat tussen de bestaande voorzieningen en de daadwerkelijke behoef-
ten van de mensen in kwestie.
In zo'n geval is het niet zo dat het individu zich moet aanpassen aan de
maatschappij, maar de maatschappij moet zorgen dat alle burgers gelijke
mogelijkheden hebben.
De 22 Regels zijn onderverdeeld in drie groepen: Voorwaarden, Werk-
terreinen en Uitvoering. In de punten a t/m c worden deze groepen kort
toegelicht; onder punt d worden enkele opmerkingen gemaakt over de
toepassingsmogelijkheden van de standaardregels.
a. Voorwaarden
De eerste groep regels gaat over de vereisten voor deelname op voet van
gelijkheid en omvat vier elementen. Regel 1 benadrukt het belang van
Bewustmaking van de behoeften, rechten en mogelijkheden van mensen
met een functiebeperking, overal in de samenleving. Regel 2 eist goede
Medische zorg en Regel 3 vraagt mogelijkheden voor Revalidatie en Reïn-
13
tegratie. De maatschappij moet volgens Regel 4 in staat zijn om Onder-
steunende diensten en technische hulpmiddelen te bieden die overeenko-
men met de behoeften van ieder individu.
b. Werkterreinen
De tweede groep regels beschrijft de verantwoordelijkheden van de maat-
schappij in acht belangrijke doelgebieden. Ten eerste de kwestie van de
Toegankelijkheid (Regel 5). Als de maatschappij gebaseerd moet zijn op
gelijkwaardigheid, moet zij ook voor iedereen toegankelijk zijn. Dit is van
toepassing op de fysieke omgeving en ook op de beschikbaarheid van
informatie en communicatie. Alle kinderen en jonge mensen moeten pas-
send Onderwijs krijgen, overeenkomstig hun aanleg (Regel 6). Mensen
met een functiebeperking hebben recht op Werk, op dezelfde voor-
waarden als ieder ander (Regel 7). De samenleving moet zichzelf opleggen
ervoor te zorgen dat mensen met een functiebeperking Inkomen en Socia-
le zekerheid hebben, zelfs als de aard van hun functiebeperking de moge-
lijkheden van betaalde arbeid verkleint of uitsluit (Regel 8). Iedereen
heeft hetzelfde recht op een Gezinsleven en persoonlijke integriteit, men-
sen met een functiebeperking mogen niet gediscrimineerd worden inzake
seksuele relaties, huwelijk of ouderschap (Regel 9). Zij moeten ook toe-
gang hebben tot het Culturele leven, als toeschouwer of als beoefenaar
(Regel 10). Hetzelfde geldt voor Sport en recreatie, binnen én buiten
(Regel 11). Kerken en religieuze bijeenkomsten moeten toegankelijk zijn
zodat mensen met een functiebeperking hun Religie vrij kunnen praktize-
ren (Regel 12).
c. Uitvoering
De laatste groep bestaat uit tien overkoepelende regels. De samenleving
dient door Informatie en Onderzoek (Regel 13) haar kennis over de leef-
situatie van mensen met een functiebeperking te vergroten. Dit legt de
14
basis voor consistent Beleid (Regel 14) dat op alle terreinen rekening
houdt met mensen met functiebeperkingen. De Wetgeving (Regel 15)
dient het recht op deelname en gelijkwaardigheid te garanderen. Het Eco-
nomisch beleid (Regel 16) moet zodanig worden ingericht dat vraagstuk-
ken van functiebeperking een normaal onderdeel zijn van de gebruikelijke
budgettering. Coördinatie van het werkzaamheden (Regel 17) moet een
effeciënt gebruik van middelen van de maatschappij garanderen.
Een van de belangrijkste thema's in de Standaard Regels is het belang
van de maatschappelijke toepassing van de kennis waarover de Belangen-
organisaties van mensen met een functiebeperking beschikken (Regel 18).
Deze regel definieert de rol die belangen-organisaties van mensen met een
functiebeperking als adviseurs kunnen spelen in planning, uitvoering en
evaluatie van maatregelen die het leven van mensen met een functiebeper-
king betreffen. Voortdurende Training van personeel (Regel 19) op alle
lagen is noodzakelijk om inzicht te krijgen in de behoeften, rechten en
mogelijkheden van mensen met een functiebeperking. Registreren, volgen
en evalueren van praktijkprogramma's (Regel 20) is continu nodig om de
doelstellingen van de Standaard Regels geleidelijk aan te realiseren.
Technische en economische samenwerking (Regel 21) stelt de leden van
de Verenigde Naties in staat om de leefomstandigheden van mensen met
een functiebeperking in ontwikkelingslanden te verbeteren en helpt hen
om organisaties van deze mensen op te richten. Het beleid voor mensen
met een functiebeperking behoort ook een vanzelfsprekende component
te zijn van alle Internationale samenwerking (Regel 22).
d. Toepassingen van de Standaard Regels
De Standaard Regels hebben geen wettelijke status. Zij vormen een poli-
tieke en morele verplichting die unaniem is aanvaard door de leden van de
internationale samenleving.
Het begrip "landelijke overheden" aan het begin van elke Regel bete-
15
kent niet dat de Regels alleen van toepassing zijn op nationale overheden.
De Standaard Regels zijn te gebruiken als richtlijnen voor beleidsmaat-
regelen op alle niveaus van de maatschappij, van nationaal tot lokaal,
maar ook in het bedrijfsleven, instellingen, organisaties enzovoorts.
16
Hoofdstuk 2 -
Deel 1
Kenmerken van een goed
beleidsplan
Deel 2
Gelijkwaardige partners
Deel 3
Van idee naar gehandicaptenbeleid
17
Hoofdstuk 2 -
Deel 1
Kenmerken van een goed beleidsplan
Als de gemeente in staat moet zijn om dezelfde mogelijkheden te
bieden aan alle burgers is een beleid nodig om de maatschappij systema-
tisch toegankelijker en meer betrokken te maken. Een beleid dat volledig
rekening houdt met mensen met een functiebeperking moet gebaseerd zijn
op de volgende principes:
· De standaardregels als richtlijnen
Het beleidsplan moet gebaseerd zijn op de bedoelingen en de inhoud van
de Standaard Regels.
De 22 Regels zijn te gebruiken als een raamwerk voor het opzetten van
een beleidsplan. De gemeente gaat van regel tot regel en analyseert:
· of de lokale gemeenschap aan de Standaard Regels voldoet,
· wat er moet gebeuren om aan de Regels te voldoen,
· hoe het moet gebeuren doelstellingen en maatregelen.
· Nauwe samenwerking met de belangenorganisaties van
mensen met een functiebeperking
De belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking moeten
actief worden betrokken bij het hele proces van opstellen of aanpassen
van beleidsplannen, vanaf het begin tot en met uitvoering en evaluatie.
Een goed beleidsplan betreft alle behoeften. Daarom moet het beleidsplan
19
gebaseerd zijn op een goede inventarisatie van de behoeften van mensen
met een functiebeperking die is gemaakt in nauwe samenwerking met de
belangenorganisaties.
· Inbedding van specifiek beleid voor mensen met
een functiebeperking in het algemeen beleid
Het uiteindelijke doel van beleidsplannen van de gemeente is om de maat-
regelen voor mensen met een functiebeperking te integreren in al het loka-
le beleid en alle activiteiten.
Dienovereenkomstig moeten die maatregelen al vanaf het begin in alle
planning zijn opgenomen - een principe dat internationaal bekend staat
als `mainstreaming'.
Een logische consequentie daarvan is dat beleidsmaatregelen zoveel moge-
lijk moeten uitgaan van wat de Zweden noemen: het `principe van verant-
woordelijkheid en financiering'. Dit betekent dat iedere activiteit zijn eigen
onkosten met zich meebrengt. Mensen met een auditieve beperking hebben
versterkers nodig om te kunnen telefoneren. De extra onkosten hiervan
moeten worden meegerekend in de prijs, niet alleen van telefoons met ver-
sterkers, maar van alle telefoons, om aan het principe te voldoen.
Een van de eerste stappen naar inbedding is het aannemen van een vol-
tooid integraal beleidsplan voor mensen met een functiebeperking door
de gemeenteraad. Dat beleidsplan moet alle activiteiten in het verant-
woordelijkheidsgebied van de overheid bestrijken.
· Vrouwen, kinderen en immigranten
De situatie van vrouwen, kinderen en immigranten vraagt extra aandacht
in het beleidsplan.
Vrouwen met een functiebeperking lopen het risico te lijden onder dubbe-
20
le discriminatie: als persoon met een functiebeperking en als vrouw. Het
is dus belangrijk dat het beleidsplan aandacht besteedt aan seksespecifi-
catie. Dubbele discriminatie is ook voor immigranten een realiteit. Een
goede opvoeding en begeleiding is essentieel om kinderen met een func-
tiebeperking in staat te stellen te leven als andere kinderen.
· Algemene en individuele maatregelen
Individuele maatregelen moeten zonodig altijd beschikbaar zijn als aan-
vulling op algemene maatregelen.
Veel toegankelijkheidsvraagstukken zijn af te handelen met algemene
maatregelen. Als bijvoorbeeld het openbaar vervoer is aangepast voor
mensen met een functiebeperking kunnen meer mensen per bus of metro
reizen. Maar er zullen altijd mensen zijn die persoonsgebonden hulp
nodig hebben.
· Keuzevrijheid
Het is een zaak van democratisch belang dat mensen met een functiebe-
perking dezelfde mogelijkheden hebben om hun eigen keuzes te maken als
ieder ander.
De gemeente moet diensten aanbieden die elke burger de mogelijkheid
geven tot participatie en persoonlijke keuze.
· De maatschappij als voorbeeld
De maatschappij moet het goede voorbeeld geven met een vooruitziend
beleid voor mensen met een functiebeperking en door het belang van
naleving van de Standaard Regels in alle activiteiten te benadrukken.
Wanneer bijvoorbeeld de gemeente financiële steun geeft voor onderwijs,
21
sportaccomodaties, clubs, culturele evenementen et cetera, kan zij eisen
stellen aan de ontvangers van subsidies.
De gemeente besteedt ook activiteiten uit. In desbetreffende overeenkom-
sten moet worden bedongen dat de uitvoerder de benodigde kennis heeft
om te voorkomen dat mensen met een functiebeperking worden gediscri-
mineerd. De gemeente kan bovendien een goed voorbeeld geven door zelf
mensen met een functiebeperking in dienst te nemen.
· Toekomstige samenwerking met de belangenorganisaties
Het beleidsplan moet omschrijven hoe de gemeente in de toekomst gaat
samenwerken met belangenorganisaties van mensen met een functiebe-
perking.
Het plan moet aangeven welke adviesgroepen nodig zijn en hoe zij effec-
tief moeten werken. Vertegenwoordigers van de organisaties moeten een
adviserende rol vervullen, zoals Standaard Regel 18 beoogt. De overheid
dient te overwegen of dit een trainings- en opleidingsverplichting met zich
meebrengt en of de vertegenwoordigers een vergoeding voor hun aanwe-
zigheid moeten krijgen.
· Doelstellingen
Beleidsplannen van lokale overheden moeten langetermijn-doelstellingen
bevatten die vastleggen dat mensen met een functiebeperking dezelfde
rechten hebben als andere burgers. Definitie van deze doelstellingen is
heel goed mogelijk door aan de openingszin van elke Standaard Regel te
refereren.
22
· Concrete maatregelen
De resultaten worden bereikt door concrete maatregelen die in
het beleidsplan duidelijk zijn omschreven.
Er moet instaan wat er moet gebeuren, wanneer elke maatregel
moet zijn afgerond, welke instantie verantwoordelijk is voor de
uitvoering en hoe de maatregel wordt gefinancierd. Dit is zeer
belangrijk voor het realiseren van de doelstelling en de noodza-
kelijke evaluatie van het beleid.
· Evaluatie en bijstelling
De procedures voor evaluatie en bijstelling moeten worden
omschreven in het beleidsplan.
Een werkgroep van vertegenwoordigers van de belangenorgani-
saties van mensen met een functiebeperking en de gemeente moe-
ten het beleidsplan jaarlijks evalueren. Een andere mogelijkheid
is dat de gemeente een speciale `auditor' aanwijst die de naleving
van het beleidsplan evalueert. Daarnaast is periodieke bijstelling
van het beleidsplan nodig.
23
Deel 2
Gelijkwaardig partnerschap
De aanpak van Agenda 22 is gebaseerd op twee inventarisaties:
· Welke diensten en voorzieningen biedt de gemeente aan haar burgers?
· Welke diensten en voorzieningen moet de samenleving bieden aan men-
sen met een functiebeperking?
Het beleidsplan moet elke mogelijke kloof tussen deze inventarisaties
dichten.
· Gelijkwaardigheid
De belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking moeten
gelijkwaardige partners zijn in en deel uitmaken van het gehele beleids-
proces.
De belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking moeten
betrokken zijn bij het beleidsplan, vanaf het begin van de planfase tot en
met het vaststellen door de betrokken instanties. Als namelijk een over-
heid de 22 VN Standaard Regels onderschrijft in navolging van Regel
18 is een logisch gevolg daarvan dat het proces van het totstandkomen
van een beleidsplan dat ook weerspiegelt.
· Tijd en geld
Beloning van de vertegenwoordigers van de belangenorganisaties van
mensen met een functiebeperking is een goede manier om hen in staat te
stellen hun werk goed te doen.
Een goed beleid moet systematisch zijn en voldoende structuur hebben om
politieke en economische schommelingen te kunnen doorstaan. Dit vraagt
24
veel tijd van de afgevaardigden en daarom zou beloning voor hun bijdra-
ge nodig kunnen zijn.
· Agenda 22-Coördinatiegroep
Het werk aan een beleidsplan kan worden georganiseerd door een Agen-
da 22-Coördinatigroep.
Deze groep kan het werk plannen en sturen, analyses maken en voorstel-
len doen en het concept voor een beleidsplan opstellen. De werkgroep
moet bestaan uit een gelijk aantal vertegenwoordigers van de gemeente en
van de belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking.
· Werkgroepen
Werkgroepen kunnen benoemd worden om op deelonderwerpen inventa-
risaties van gemeentelijke activiteiten te maken.
Zij kunnen ook voorstellen doen voor te nemen maatregelen. Samenstel-
ling van werkgroepen gaat op dezelfde manier als de Agenda 22-Coör-
dinatiegroep. Dit verzekert een gelijkwaardige, representatieve balans
tussen de gemeente en de belangenorganisaties van mensen met een func-
tiebeperking.
· De belangenorganisaties van mensen
met een functiebeperking
De belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking kunnen
gegevens verzamelen en bundelen die betrekking hebben op de noodzake-
lijke ondersteuning vanuit de samenleving.
25
Deel 3
Van idee naar beleidsplan
Het definitieve plan moet betrekking hebben op alle activiteiten van de gemeente.
Daarom moet de taak van het opstellen van een beleidsplan direct
ressorteren onder het hoogste orgaan van beleidsmakers dat de Agenda
22- Coördinatiegroep samenstelt. Werken aan het beleid kan op de vol-
gende manier georganiseerd worden:
De gemeenteraad beslist
dat er een beleidsplan moet komen.
De Agenda 22-
De belangen-
Werkgroepen
Coördinatiegroep
organisaties
inventariseren
wordt aan-
van mensen met
de activiteiten.
gesteld en maakt
een functie-
een tijdschema
beperking
met werkverde-
inventariseren
ling, alsmede
de behoeften
analyses en
aan openbare
voorstellen.
diensten en
voorzieningen.
Een concept-beleidsplan
wordt opgesteld.
Het beleidsplan wordt aangenomen
door het hoogste orgaan
van beleidsmakers bij de gemeente.
26
Stap 1
Inventarisatie van activiteiten van de gemeente in relatie
tot de Standaard Regels
Dit werk moet gebaseerd zijn op een inventarisatie van de realiteit, om te
laten zien in hoeverre de door de gemeente geboden diensten overeenko-
men met de behoeften van mensen met een functiebeperking.
De gemeente die de naleving van de verschillende activiteiten in het kader
van de VN Standaard Regels onderzoekt, kan ook deze inventarisatie uit-
voeren.
De inventarisaties moeten totstandkomen in samenwerking met vertegen-
woordigers van belangenorganisaties. Hun kennis van de behoeften van
mensen met een functiebeperking stelt hen in staat om zowel mogelijkhe-
den als tekortkomingen te signaleren die anderen niet zien. De inventari-
saties sluiten af met een per activiteit opgestelde samenvatting en voor-
stellen voor te nemen maatregelen.
Als de gemeente een compleet beeld wil krijgen, kunnen alle activiteiten in
één keer worden geïnventariseerd. Maar het werk kan ook zodanig wor-
den verdeeld dat bepaalde aandachtsgebieden in het ene jaar worden
geïnventariseerd en andere in een volgend jaar.
Iedere Standaard Regel refereert aan de verantwoordelijkheid van natio-
nale overheden. Vervanging van `nationale overheden' door `lokale over-
heden' of `overheid' maakt het gebruik van Standaard Regels op dit
niveau mogelijk. Het beste is om alle regels van Regel 1 tot en met Regel
22 voor iedere activiteit na te lopen. Anderszins kan bij de inventarisa-
27
tie iedere activiteit worden vermeld met een verwijzing naar de daarvoor
meest relevante regels. Een voorbeeld is het inventariseren van een school;
daarvoor is Regel 6, Onderwijs, erg belangrijk.
Sommige regels zijn overkoepelend en zijn van toepassing op alle sectoren
van de maatschappij en zij moeten daarom door ieder gebruikt worden.
Dit geldt met name voor:
Regel 1
- Bewustmaking, die gaat over het belang van bewustzijns-
bevordering over de rechten, behoeften en mogelijkheden
van mensen met een functiebeperking.
Regel 5
- Toegankelijkheid, over het belang van toegang tot
de fysieke omgeving en tot informatie en communicatie.
Regel 14 - Beleid formuleren en plannen.
Regel 18 - Belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking.
Regel 19 - Training van personeel.
Dit document bevat als laatste een hoofdstuk getiteld "Vragen betreffen-
de de VN Standaard Regels".
Deze set vragen kan worden gebruikt bij het toetsen van de inventarisaties
aan de Standaard Regels door de gemeente en de organisaties van de men-
sen met functiebeperkingen.
Stap 2
Inventarisatie van de behoefte aan publieke diensten
door mensen met een functiebeperking
Grondig onderzoek naar de behoeften van mensen met een functiebeper-
king is nodig. De organisaties van deze mensen kunnen dit onderzoek uit-
voeren.
28
In de eerste fase zou iedere organisatie van mensen met een functiebeper-
king het op zich kunnen nemen om de behoefte aan publieke diensten vast
te stellen voor de groep die zij vertegenwoordigen. Het is belangrijk om
de behoeften aan diensten van alle groepen op te nemen in het beleids-
plan.
Stap 3
Samenvatten, analyse en prioriteiten
De Agenda 22-Coördinatiegroep bundelt en analyseert de rapporten, ver-
gelijkt ze met de omschrijving van de behoeften en stelt een beleidsplan
op.
Mogelijk verschilt de visie van de gemeente op de naleving van de Stan-
daard Regels in sommige opzichten met die van de gebruikers. In dat
geval is het standpunt van de belangenorganisaties van mensen met een
functiebeperking duidelijk van meer gewicht.
Na bundeling en analyse van al het materiaal zal duidelijk worden op
welke terreinen er tekortkomingen zijn. Er zal waarschijnlijk zoveel moe-
ten gebeuren dat het werk verspreid moet worden over een aantal jaren.
In dit stadium moet worden besloten welke maatregelen het eerst moeten
worden genomen en welke op de tweede plaats komen.
Prioriteiten kunnen worden vastgesteld in relatie tot vele verschillende
aspecten.
De eerste prioriteit is vastleggen dat de gemeente functiebeperkingspro-
blemen altijd vanaf de start opneemt in het maken van plannen voor acti-
viteiten of ruimtelijke ordening. Dit kan in de vorm van een stipulatie dat
29
gehandicaptenproblematiek moet worden getoetst bij veranderingen van
activiteiten of op terreinen als renovaties en reparaties, reorganisatie-
maatregelen, automatisering en bij het combineren van doelstellingen en
actieplannen.
Andere prioriteiten kunnen bijvoorbeeld te maken hebben met bijzon-
dere groepen, zoals kinderen en bejaarden. Dit kan resulteren in maatre-
gelen om gedurende een bepaalde tijd extra aandacht te garanderen voor
aandachtsgebieden die voor deze groepen van belang zijn. Het verlenen
van voorrang aan bepaalde activiteiten is een andere mogelijkheid.
Financiële beperkingen hoeven geen obstakel te zijn.
De opzet van het beleidsplan moet realistisch zijn; dit bevordert de haal-
baarheid. Het is heel goed mogelijk om systematisch te werken aan een
`gelijkwaardige maatschappij', zelfs in tijden van schaarste. Dit kan door
de financiering van beleidsmaatregelen te faseren. Anderzijds geldt dat
wat goed is voor mensen met een functiebeperking, ook goed is voor
anderen. Alle reizigers in het openbaar vervoer bijvoorbeeld hebben baat
bij zowel gesproken als geschreven informatie.
Stap 4
Beleidsplan, conceptversie
De doelstellingen zijn te omschrijven als visies op een gelijkwaardige
maatschappij en een gelijkwaardige deelname door alle burgers.
Deze visies kunnen worden gebaseerd op de openingszin van iedere Stan-
daard Regel.
30
Een goed beleidsplan is helder en bevat duidelijke doelstellingen met con-
crete beleidsmaatregelen in fasen.
Een beleidsplan beslaat een aantal jaren. Het beschrijft welke concrete
maatregelen per jaar genomen moeten worden om een bepaald doel te
bereiken. Het plan geeft aan welke maatregelen er moeten komen, wan-
neer dat moet gebeuren, welk orgaan de verantwoordelijkheid draagt en
hoe de financiering is geregeld. Hoe duidelijker de voorgenomen maat-
regelen in het plan zijn omschreven, des te eenvoudiger zal de evaluatie
zijn. Dit document biedt aan het einde een suggestie voor een allesomvat-
tende opzet.
Stap 5
Vaststelling van het beleidsplan door het hoogste
beleidsorgaan
Het beleidsplan wordt aangenomen door de gemeenteraad, de hoogste
lokale autoriteit, waardoor het van toepassing is op alle activiteiten die
onder de gemeente vallen.
31
Vragen over
de VN-Standaard regels
33
Hoofdstuk 3 - Vragen over
de VN-Standaard Regels
it gedeelte bestaat uit een aantal vragen betreffende elke Regel. De vragen
zijn samen met de Standaardregels zelf te gebruiken om na te gaan of
lokale overheden zich houden aan de VN-Standaard Regels. Elke acti-
viteit kan getoetst worden aan de meest relevante regels. Bepaalde regels
zijn meer algemeen toepasbaar en hebben betrekking op alle activiteiten-
terreinen; zij moeten dus bij alle inventarisaties aan de orde komen.
De overkoepelende regels zijn:
- Regel 1 Bevorderen van bewustwording
- Regel 5 Toegankelijkheid
- Regel 14 Beleidsvorming en beleidsplannen
- Regel 18 Belangenorganisaties van mensen met een functie-
beperking
- Regel 19 Trainen van personeel
35
Regel 1
Bevorderen van bewustwording
"Overheden moeten actie ondernemen om de samenleving bewust te
maken van het feit dat er mensen met functiebeperkingen zijn en daarmee
(dus ook) van hun rechten, hun behoeften, hun mogelijkheden en hun bij-
dragen."
Vragen
Regel 1:1
· Hoe verspreidt de gemeente informatie over haar voorzieningen voor
mensen met een functiebeperking?
· Is de informatie toegankelijk voor mensen met elk soort functie-
beperking?
· Is de informatie toereikend, in die zin dat alle mensen met functie-
beperkingen volledig geïnformeerd worden over hun rechten en
mogelijkheden?
Regel 1:2
· Wat doet de gemeente om de informatie te verspreiden dat mensen met
functiebeperkingen burgers zijn met dezelfde rechten en plichten als
ieder ander?
Regel 1:3
· Wat doet de gemeente om de media te stimuleren personen met
functiebeperkingen te beschrijven in positieve termen?
36
Regel 1:6
· Hoe spoort de gemeente ondernemingen in de private sector aan om
bij al hun activiteiten rekening te houden met mensen met een functie-
beperking?
Regel 1:7
· Wat doet de gemeente om de mensen met een functiebeperking
zélf er zich bewust van te maken dat zij rechten en mogelijkheden
hebben?
Regel 1:9
· Bevatten de trainingsprogramma's voor alle medewerkers van
de gemeente ook bewustwordingsbevorderende maatregelen?
37
Regel 2
Gezondheidszorg
"Overheden moeten garant staan voor het bestaan van doeltreffende
medische zorg voor mensen met een functiebeperking."
Vragen
Regel 2:1
· Heeft de gemeente actieprogramma's voor vroegtijdige signalering,
vaststelling en behandeling van functiestoornissen?
Regel 2:2
· Welke opleidingsmogelijkheden zijn er voor personeel in de zorg voor
de onderkenning van stoornissen en de doorverwijzing naar de juiste
behandeling?
Regel 2:4
· Krijgt personeel in verpleging en verzorging voldoende gelegenheid om
zich op de hoogte te stellen van (technologische) ontwikkelingen op het
vakgebied?
Regel 2:6
· Hoe verzekert de gemeente mensen met functiebeperkingen van toegang
tot alle behandelingen en geneesmiddelen die zij nodig hebben?
38
Regel 3
Revalidatie en Reïntegratie
"Overheden moeten zorgen dat er voorzieningen zijn voor de revalidatie
en reïntegratie van mensen met een functiebeperking, zodat zij zo zelf-
standig mogelijk kunnen (blijven) functioneren."
Vragen
Regel 3:1
· Heeft de gemeente eigen revalidatie- en reïntegratieprogramma's
voor verschillende groepen van mensen met een functiebeperking?
Regel 3:2
· Welke programma's bestaan er voor mensen met verschillende
functiebeperkingen?
Regel 3:3
· Komen de programma's overeen met de behoeften?
Zo niet: wat ontbreekt?
Regel 3:4
· Welke mogelijkheden zijn er voor mensen met functiebeperkingen en
hun familie om deel te nemen aan het ontwikkelen en opzetten van
begeleidingsprogramma's die henzelf betreffen?
39
Regel 3:6
· Worden mensen met een functiebeperking en hun familie
aangemoedigd een actieve rol te spelen in begeleidingsprogram-
ma's voor anderen, bijvoorbeeld als leraar, trainer of raadgever?
Regel 3:7
· Worden de belangenbelangenorganisaties van mensen met een functie-
beperking geraadpleegd bij de formulering of evaluatie van revalidatie-
en reïntegratieprogramma's?
40
Regel 4
Ondersteunende diensten en voorzieningen
"Overheden moeten de ontwikkeling en de beschikbaarheid van onder-
steunende diensten voor mensen met een functiebeperking garanderen,
inclusief hulpmiddelen, om hen te helpen het niveau van onafhankelijk-
heid in hun dagelijks leven te verhogen en hun rechten uit te oefenen."
Vragen
Regel 4:1
· Biedt de gemeente de benodigde ondersteuning voor mensen
met een functiebeperking als het gaat om:
- hulpmiddelen?
- persoonlijke assistentie?
- tolkdiensten?
Regel 4:4
· Staan de diensten gratis ter beschikking aan de gebruiker?
41
Regel 5
Toegankelijkheid
"Overheden moeten het overkoepelend belang erkennen van toeganke-
lijkheid in het proces van gelijkschakeling van mogelijkheden in alle gele-
dingen van de maatschappij. De overheden moeten voor mensen met
functiebeperkingen: (a) actieprogramma's maken om de fysieke omgeving
toegankelijk te maken en (b) maatregelen treffen om hen toegang te ver-
schaffen tot informatie en communicatie."
Vragen
Regel 5:1
· Heeft de gemeente een actieprogramma om systematisch de fysieke
omgeving (binnen én buiten) toegankelijk te maken voor iedereen,
bijvoorbeeld in/bij:
- woonhuizen?
- andere gebouwen?
- openbaar vervoer?
- straten en wegen?
- andere buitenlokaties?
Regel 5:2
· Hebben personen die professioneel betrokken zijn bij ontwerp en
aanleg van de fysieke omgeving de mogelijkheid zich te informeren over
ontwikkelingen in veranderend beleid en maatregelen om toegankelijk-
heid te realiseren?
42
Regel 5:3
· Wordt bij ontwerp en aanleg van de fysieke omgeving vanaf het eerste
begin ook rekening gehouden met de eisen voor toegankelijkheid voor
alle groepen van mensen met functiebeperkingen?
Regel 5:4
· Worden belangenorganisaties van mensen met functiebeperkingen
geraadpleegd bij:
- de ontwikkeling van voorschriften en normen voor toegankelijkheid?
- de planning van bouwprojecten?
Regel 5:5
· Is de informatie die de overheid verstrekt over diagnose, rechten,
beschikbare diensten en programma's toegankelijk voor:
- alle mensen met een functiebeperking?
- hun familie?
- hun vertegenwoordigers?
Regel 5:6
· Welke strategieën zijn in gebruik voor het toegankelijk maken
van informatiediensten en documentatie voor:
- blinden en slechtzienden?
- doofblinden?
- doven en slechthorenden?
- verstandelijk gehandicapten?
- dyslectische personen?
· Zijn de genomen maatregelen in overeenstemming met de behoeften?
43
Regel 5:7
· Hoe krijgen dove en slechthorende kinderen tijdens hun leerperiode
toegang tot les in gebarentaal?
· Helpt de overheid de ouders om les te krijgen in gebarentaal?
· Weet de gemeente hoeveel dove, doofblinde of slechthorende burgers
tolkdiensten nodig hebben?
· Zijn er tolken voor iedereen die hen nodig heeft?
Regel 5:9
· Hoe controleert de gemeente de toegankelijkheid van televisie, radio
en kranten voor:
- visueel gehandicapten?
- doofblinden?
- doven en slechthorenden?
- verstandelijk gehandicapten?
- dyslectische personen?
Regel 5:10
· Wordt met aspecten van toegankelijkheid voor alle groepen vanaf
het begin rekening gehouden bij de opbouw van nieuwe in computers
opgeslagen informatie- en dienstensystemen?
· Als dit niet zo is: worden bestaande systemen dan aangepast zodat ze
toegankelijk zijn voor mensen met een functiebeperking?
Regel 5:11
· Wordt de mening van belangenorganisaties van mensen met
een functiebeperking gevraagd vóór de ontwikkeling van nieuwe
informatiediensten?
44
Regel 6
Onderwijs
"Overheden dienen gelijke kansen als uitgangspunt te erkennen voor
basis-, voortgezet en hoger onderwijs in een geïntegreerde omgeving voor
kinderen, jongeren en volwassenen met een functiebeperking. Zij moeten
waarborgen dat dit onderwijs een geïntegreerd onderdeel is van het
onderwijssysteem."
Vragen
Regel 6:1
· Waarborgt de gemeente de integratie van mensen met een functie-
beperking in de onderwijsomgeving?
· Is dit onderwijs opgenomen in de gebruikelijke onderwijsplanning,
de ontwikkeling van lesprogramma's en de schoolorganisatie?
Regel 6:2
· Zijn er voorzieningen om het onderwijs toegankelijk te maken zoals:
- gebarentolken?
- andere ondersteunende voorzieningen?
- protocollen voor het toegankelijk maken van het onderwijs
voor iedereen?
Regel 6:3
· Hoe zijn ouderverenigingen en belangenorganisaties van mensen met
een functiebeperking betrokken bij het onderwijssysteem?
45
Regel 6:6
· Heeft de gemeente een beleid geformuleerd voor onderwijs in reguliere
scholen?
· Zijn er mogelijkheden voor flexibele toevoeging en aanpassing
van lesprogramma's?
· Zijn er voorzieningen voor extra leermiddelen, bijscholing en
voorlichting van docenten en onderwijsassistenten?
Regel 6:8
· Bestaat er speciaal onderwijs voor diegenen aan wie het reguliere
onderwijs geen adequate voorzieningen kan bieden?
· Is de kwaliteit van dat onderwijs gelijkwaardig aan ander onderwijs?
Regel 6:9
· Zijn er speciale scholen voor doven/slechthorenden en doofblinden
die onderwijs in gebarentaal nodig hebben?
· Indien dit niet het geval is: hoe wordt dan in de behoeften van deze
leerlingen voorzien?
46
Regel 7
Werkgelegenheid
"Overheden dienen het principe te erkennen dat mensen met een functie-
beperking in staat moeten worden gesteld om hun mensenrechten uit te
oefenen, met name wat werkgelegenheid betreft. Zij moeten op de
arbeidsmarkt gelijke kansen krijgen voor productief en betaald werk,
zowel op het platteland als in de steden."
Vragen
Regel 7:2
· Wat doet de gemeente om integratie van mensen met een functie-
beperking op de arbeidsmarkt te bevorderen?
Regel 7:3
· Hoeveel mensen heeft de gemeente in dienst? Hoeveel daarvan hebben
een functiebeperking?
· Hebben sociale werkplaatsen van de gemeente een plan van aanpak
om deze toegankelijk te maken voor mensen met een functiebeperking?
· Zo ja, welke maatregelen bevatten die plannen inzake:
- bevordering van het gebruik van ondersteunende diensten?
- aanpassing van werktijden aan individuele behoeften (bijvoorbeeld
flexibele werktijden, parttime- en duobanen)?
- verbetering van omscholing?
- andere punten?
· Zijn deze maatregelen al in werking getreden? Zijn zij doeltreffend?
47
Regel 7:4
· Wat doet de gemeente om de kennis en het inzicht van het publiek te
bevorderen, om zo een negatieve houding en vooroordelen ten opzichte
van werknemers met een functiebeperking weg te nemen?
Regel 7:5
· Wat doet de gemeente aan het scheppen van gunstige voorwaarden om
zelf mensen met een functiebeperking in dienst te nemen?
Regel 7:6
· Wat zijn op dit moment de condities bij sociale werkplaatsen die onder
de verantwoordelijkheid van de gemeente vallen:
hebben mensen met een functiebeperking dezelfde mogelijkheden
als anderen met betrekking tot:
- dienstverbanden?
- promotiemogelijkheden?
- salarisverhoging?
- deelname aan trainingsprogramma's voor personeel?
Regel 7:7
· Welke mogelijkheden voor werkgelegenheid kan de gemeente bieden
aan mensen met een functiebeperking die niet terecht kunnen op
de reguliere arbeidsmarkt?
Regel 7:9
· Werkt de gemeente samen met de belangenorganisaties van mensen
met een functiebeperking als het gaat om maatregelen op de werkvloer
en de arbeidsmarkt voor mensen met beperkingen?
48
Regel 8
Inkomensbehoud en sociale zekerheid
"Overheden zijn verantwoordelijk voor het voorzien in sociale zekerheid
en behoud van inkomen voor mensen met een functiebeperking."
Vragen
Regel 8:1
· In welke bijstand is voorzien voor mensen die door hun functie-
beperking?
- tijdelijk hun inkomen kwijt zijn?
- op hun inkomen gekort zijn?
- werkgelegenheid is onthouden?
· Is de desbetreffende bijstand voor mensen met een functiebeperking
voldoende om hen een gelijkwaardige levensstandaard te verschaffen?
· Een functiebeperking kan extra onkosten met zich mee brengen.
Is met dit feit rekening gehouden bij het bepalen van de inkomens-
ondersteuning?
Regel 8:3
· Welke bijstand is beschikbaar voor individuele personen die de
mantelzorg op zich nemen voor iemand met een functiebeperking?
49
Regel 8:4
· Heeft de gemeente specifieke actieprogramma's om mensen met
een functiebeperking aan te moedigen om werk te zoeken?
· Zo ja, voorzien deze programma's in voorlichting over
- beroepskeuze?
- omscholing?
- vakopleiding?
- tijdelijk inkomen?
50
Regel 9
Gezinsleven en persoonlijke levenssfeer
"Overheden moeten bevorderen dat mensen met een functiebeperking
volledig deelnemen aan het gezinsleven. Zij moeten hun recht op een per-
soonlijke levenssfeer beschermen en erop toezien dat de wet mensen met
een functiebeperking niet discrimineert wat betreft seksuele relaties,
huwelijk en ouderschap."
Vragen
Regel 9:1
· Stelt de gemeente mensen met een functiebeperking in staat om bij
hun familie te wonen?
· Is er respijthulp voor mantelzorgers beschikbaar?
Regel 9:2
· Voorziet de gemeente in voorlichting en advisering van mensen
met een functiebeperking die een gezin willen starten?
Regel 9:3
· Wat doet de gemeente aan het veranderen van een negatieve houding over
huwelijk, seksualiteit en ouderschap jegens mensen met een functiebeperking?
Regel 9:4
· Kan de gemeente mensen met een functiebeperking informeren over het nemen
van voorzorgsmaatregelen tegen seksuele en andere vormen van misbruik?
51
Regel 10
Cultuur
"Overheden moeten zorgen voor integratie en deelname van mensen met
een functiebeperking aan culturele activiteiten op een gelijkwaardige basis."
Vragen
Regel 10:1
· Kunnen mensen met een functiebeperking hun artistieke talenten
ontwikkelen? Bij voorbeeld op het gebied van dans, muziek, literatuur,
theater en andere artistieke activiteiten?
· Zijn culturele voorstellingen en diensten toegankelijk voor mensen met
een functiebeperking?
Regel 10:2
· Is er informatie over het aanbod van culturele voorstellingen en
diensten in:
- theaters?
- musea?
- bioscopen?
- bibliotheken?
Regel 10:3
· Zijn er speciale technische voorzieningen beschikbaar om literatuur,
beeldende kunst, toneel en film toegankelijk te maken voor mensen met
een functiebeperking?
52
Regel 11
Sport en recreatie
"Overheden moeten maatregelen treffen voor gelijke kansen voor be-
oefening van sport en recreatie door mensen met een functiebeperking."
Vragen
Regel 11:1
· Zijn de activiteiten zelf zodanig toegankelijk dat mensen met een
functiebeperking kunnen deelnemen aan sport en vrijetijdsbesteding?
· Zijn de sport- en recreatieprogramma's toegankelijk voor toeschouwers
met een functiebeperking?
Regel 11:2
· Wat doet de gemeente om de plaatselijke toeristische attracties
toegankelijk en aantrekkelijk te maken?
Regel 11:3
· Hoe ondersteunt de gemeente sportbeoefening door mensen met
een functiebeperking?
· Krijgen mensen met een functiebeperking ondersteuning voor
deelname aan nationale en internationale evenementen?
53
Regel 11:4
· Is er voor mensen met een functiebeperking ook sportinstructie
en -training beschikbaar van hetzelfde kwaliteitsniveau als voor
iedereen?
Regel 11:5
· Zijn de belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking
geraadpleegd bij de ontwikkeling van activiteiten?
54
Regel 12
Religie
"Overheden moeten maatregelen bevorderen die mensen met een functie-
beperking in staat stellen gelijkwaardig te participeren in het religieuze
leven in hun leefomgeving."
Vragen
Regel 12:1
· Wat doet de gemeente aan het toegankelijk maken van religieuze
gebouwen en activiteiten voor mensen met een functiebeperking?
Regel 12:2
· Wat doet de gemeente aan het bevorderen van informatieverstrekking
aan religieuze instanties en organisaties over de problematiek van
functiebeperkingen?
Regel 12:3
· Wat doet de gemeente om religieuze lectuur toegankelijk te maken
voor mensen met een zintuiglijke functiebeperking?
Regel 12:4
· Worden de belangenorganisaties geraadpleegd over de ontwikkeling
van maatregelen voor een gelijkwaardige deelname aan religieuze
activiteiten?
55
Regel 13
Informatie en onderzoek
"Overheden accepteren de eindverantwoordelijkheid voor het verzamelen
en verspreiden van informatie over de leefomstandigheden van mensen
met een functiebeperking en zij bevorderen uitgebreid onderzoek naar alle
aspecten en problemen die het leven van mensen met een functiebeperking
bemoeilijken."
Vragen
Regel 13:1
· Heeft de gemeente statistieken verzameld over, bijvoorbeeld:
- de onderwijssituatie van leerlingen met een functiebeperking?
- de werkomstandigheden van mensen met een functiebeperking?
- arbeidsmogelijkheden voor mensen met een functiebeperking?
- meerkosten die een beperking met zich meebrengen?
- de invloed van bezuinigingsmaatregelen en toenemende financiële
druk op mensen met een functiebeperking?
Regel 13:2
· Heeft de gemeente een databank met:
- diverse groepen van mensen met een functiebeperking en hun
specifieke behoeften?
- de adressen van alle belangenorganisaties van mensen met een
functiebeperking?
- voorzieningen en programma's voor mensen met een functiebeperking?
56
Regel 13:3
· Hoe ondersteunt de overheid onderzoek naar:
- de invloed van sociale en economische omstandigheden op
mensen met een functiebeperking en hun gezinsleden?
- manieren waarop voorzieningen en ondersteunende diensten
kunnen worden ontwikkeld?
Regel 13:5
· Bevordert de gemeente de werving van mensen met een functie-
beperking voor het werken in gegevensverzameling en onderzoek
over de problematiek van functiebeperkingen?
Regel 13:7
· Welke maatregelen neemt de gemeente om kennis en informatie
over functiebeperking te verspreiden op politiek, ambtelijk en
bestuurlijk niveau?
57
Regel 14
Beleidsvorming en -planning
"Overheden moeten ervoor zorgen dat rekening gehouden wordt met
mensen met een functiebeperking bij alle beleidsvorming en -planning."
Vragen
Regel 14:1
· Heeft de gemeente een beleidsplan?
· Is dit gebaseerd op de VN Standaard Regels?
· Bevat het beleid concrete maatregelen inzake:
- een tijdslimiet voor de uitvoering van elke maatregel?
- de verantwoordelijke uitvoerder?
- financiële en andere middelen?
Regel 14:2
· Is het beleidsplan opgesteld in nauwe samenwerking met de belangen-
organisaties van mensen met een functiebeperking?
· Is in beleidsplannen van de gemeente vanaf het eerste moment rekening
gehouden met mensen met een functiebeperking?
Regel 14:4
· Zijn er standaardlijsten om te controleren of er voor verschillende
situaties maatregelen getroffen zijn voor toegankelijkheid?
· Zo ja, worden die lijsten dan ook gebruikt om actie te bevorderen?
58
Regel 15
Wetgeving
"Overheden dragen verantwoordelijkheid om een wettelijke basis te
scheppen voor maatregelen die volledige participatie en rechtsgelijkheid
waarmaken voor mensen met een functiebeperking."
Vragen
Regel 15:2
· Voldoet de gemeente aan de vigerende wetgeving voor mensen
met een functiebeperking?
· Zo nee, is de gemeente daarop aangesproken en heeft zij actie
ondernomen om ervoor te zorgen dat de situatie zich niet herhaalt?
59
Regel 16
Economisch beleid
"Overheden dragen de financiële verantwoordelijkheid voor nationale
programma's en beleid voor het scheppen van gelijke kansen voor mensen
met een functiebeperking."
Vragen
Regel 16:1
· Zijn de uitgaven van de gemeente voor aanpassingen en andere
hulpbronnen inzake mensen met een functiebeperking opgenomen
in het normale budget dan wel apart begroot?
Regel 16:2
· Geeft de gemeente financiële ondersteuning aan projecten en andere
ontwikkelingen die relevant zijn voor mensen met een functiebeperking?
Regel 16:4
· Heeft de gemeente een speciaal ontwikkelingsfonds voor de onder-
steuning van proefprojecten en hulpprogramma's van lokale belangen-
organisaties?
60
Regel 17
Coördinatie van werkzaamheden
"Overheden zijn verantwoordelijk voor het oprichten en versterken van
nationale coördinatie-centra die moeten functioneren als expertisecen-
trum voor vraagstukken over functiebeperkingen."
Vragen
Regel 17:1
· Heeft de gemeente een permanente commissie die vraagstukken
over functiebeperkingen coördineert?
Regel 17:2
· Zo ja, hoe wordt die coördinatiecommissie samengesteld?
Regel 17:3
· Hoe zijn de belangenorganisaties van de mensen met functie-
beperkingen vertegenwoordigd in de coördinatiecommissie?
Regel 17:4
· Welke financiële en andere middelen staan de coördinatiecommissie
ter beschikking?
61
Regel 18
Organisaties van mensen met functiebeperkingen
"Overheden moeten het recht erkennen van belangenorganisaties om
mensen met functiebeperkingen op nationaal, regionaal en lokaal niveau
te vertegenwoordigen. Overheden moeten ook de adviserende rol erken-
nen van deze organisaties bij de besluitvorming over het beleid."
Vragen
Regel 18:1
· Hoe ondersteunt en bevordert de gemeente:
- de oprichting van belangenorganisaties van mensen met een functie
beperking?
- al bestaande organisaties?
- onderlinge samenwerking tussen zulke belangenorganisaties?
Regel 18:2
· Hoe werkt de gemeente nu samen met deze belangenorganisaties?
Regel 18:3
· Welke rol spelen de belangenorganisaties bij ondersteuning, dienst-
verlening, voorzieningen en andere maatregelen voor mensen met
een functiebeperking? Zijn zij in de gelegenheid om:
- behoeften en prioriteiten te aan te wijzen?
- deel te nemen aan de planning van maatregelen?
- invloed uit te oefenen op de uitvoering van het beleid?
62
- deel te nemen aan evaluaties?
- actief een bijdrage te leveren aan de bewustwording in
de samenleving?
Regel 18:4
· Welke betekenis hebben belangenorganisaties van mensen
met een functiebeperking voor:
- hun leden?
- de samenleving?
Regel 18:5
· In hoeverre zijn deze belangenorganisaties vertegenwoordigd
in de lokale bestuursorganen?
63
Regel 19
Training van personeel
"Overheden zijn verantwoordelijk voor het waarborgen van doelmatige
training op ieder niveau van personeel dat betrokken is bij de planning en
voorbereiding van programma's en voorzieningen voor personen met
functiebeperkingen."
Vragen
Regel 19:1
· Krijgen medewerkers van de gemeente die regelmatig in contact komen
met mensen met een functiebeperking ook voorlichting en training op
dit gebied?
· Zo ja, wat houdt die training in?
· Krijgen andere personeelsleden training op dit gebied?
Regel 19:3
· Worden mensen met een functiebeperking ingeschakeld als docenten,
instructeurs of adviseurs in trainingsprogramma's voor gemeentelijk
personeel?
· Worden deze trainingsprogramma's ontwikkeld in overleg met
de belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking?
64
Regel 20
Nationale controle op en evaluatie van beleidsprogramma's
in het kader van de 22 Standaard Regels
"Overheden zijn verantwoordelijk voor voortdurende controle en evalua-
tie van nationale programma's en diensten voor gelijke kansen voor men-
sen met functiebeperkingen."
Vragen
Regel 20:1
· Hoe verloopt de evaluatie van beleids- en actieprogramma's voor
mensen met een functiebeperking?
· Welke rol spelen de belangenorganisaties van mensen met een functie-
beperking bij de evaluatie van beleids- en actieprogramma's?
· Hoe en aan wie vindt de verspeiding van de resultaten van de evaluaties
plaats?
Regel 20:5
· Zijn de procedures voor hoe en wanneer evaluatie van beleid en actie-
programma's voor mensen met een functiebeperking zal plaatsvinden
vastgelegd in de plannen?
65
Regel 21
Technische en economische samenwerking
"Overheden in geïndustrialiseerde landen én ontwikkelingslanden hebben
de verantwoordelijkheid om samen te werken om maatregelen te nemen
voor het verbeteren van de leefomstandigheden van mensen met een func-
tiebeperking."
Vragen
Regel 21:1
· Welke financiële en andere middelen heeft de gemeente voor vluchte-
lingen en immigranten met een functiebeperking?
· Zijn de speciale behoeften van immigranten en vluchtelingen
opgenomen in beleidsplannen en actieprogramma's voor mensen
met een functiebeperking?
Regel 21:2
· Zijn in samenwerkings- of uitwisselingsprojecten tussen de overheid en
ontwikkelingslanden, de vraagstukken betreffende mensen met een
functiebeperking hiervan een onderdeel?
Regel 21:3
· Vindt er consultatie plaats van de belangenorganisaties van mensen met
een functiebeperking wanneer de overheid projecten in ontwikkelings-
landen opzet voor mensen met een functiebeperking?
66
Regel 21:4
· Ondersteunt de overheid binnen projecten technische en economische
samenwerking met ontwikkelingslanden de ontwikkeling van vaardig-
heden, talenten en mogelijkheden van mensen met een functie-
beperking?
Regel 21:5
· Steunt de overheid de oprichting en versterking van belangen-
organisaties van mensen met een functiebeperking in andere landen
door:
- initiatieven te ondersteunen?
- op andere wijzen?
Regel 21:6
· Bevatten samenwerkings- of uitwisselingsprojecten maatregelen
om de kennis over functiebeperkingsvraagstukken van betrokken
medewerkers te vergroten?
67
Regel 22
Internationale samenwerking
"Overheden moeten actief deelnemen aan internationale samenwerking
voor beleid voor gelijke kansen voor mensen met een functiebeperking."
Vragen
Regel 22:2
· Wanneer de gemeente internationaal samenwerkt, is de problematiek
van mensen met functiebeperkingen dan ook opgenomen in:
- onderhandelingen?
- informatie-uitwisseling?
- ontwikkelingsprogramma's?
Regel 22:3
· Hoe ondersteunt de overheid de internationale uitwisseling van
kennis en ervaring tussen:
- niet-regeringsgebonden organisaties (NGO's) inzake functie-
beperkingsvraagstukken?
- onderzoeksinstituten en individuele onderzoekers die zich richten op
functiebeperkingsvraagstukken?
- vertegenwoordigers van praktijkprogramma's en professionele
beroepsgroepen?
- belangenorganisaties van mensen met een functiebeperking?
- nationale coördinatiecommissies?
68
Voorbeeld van de opzet van
een beleidsplan voor mensen met een
functiebeperking
69
Hoofdstuk 4
Voorbeeld van de opzet van een beleidsplan voor mensen met een functie-
beperking
Overkoepelende lange termijndoelstellingen
· Bijvoorbeeld: "In onze gemeente moeten alle burgers in staat zijn om
op gelijkwaardige wijze deel te nemen aan het culturele leven".
Samenvatting van de inventarisaties
· Hoe de verschillende activiteiten van de gemeente functioneren,
gelet op de Standaard Regels.
Samenvatting van de behoefte aan openbare diensten en voorzieningen
voor mensen met een functiebeperking
· Algemene beschrijving van het totaal aan behoeften aan gemeentelijke
dienstverlening door mensen met een functiebeperking.
Tijdpad op lange termijn
· Omschrijft de terreinen waarop maatregelen genomen moeten worden
en specificeert de uitvoering van de onderscheiden maatregelen per
kalenderjaar.
Doelstellingen en concrete maatregelen
· Omschrijving van beoogde resultaten en maatregelen op ieder terrein
dat aangepakt moet worden binnen de periode die het plan bestrijkt.
Er moet een stappenplan met maatregelen komen, met bepalingen
wanneer zij uitgevoerd moeten zijn, wie ervoor verantwoordelijk is en
hoe de financiering is geregeld.
71
Voorbeeld
· Gemeentelijke informatie moet toegankelijk gemaakt worden door:
- aanpassing van de toegang tot kantoren en de telefooncentrale
van de gemeente,
- installatie van lift en teksttelefoon (tijdpad, verantwoordelijke
afdeling of organisatie, financiering)
- alle informatie van de gemeente moet op verzoek beschikbaar
zijn op cassette of in een makkelijk leesbare versie (tijdpad,
verantwoordelijke afdeling of organisatie, financiering),
- de lokatie van de vergaderingen van de gemeenteraad moet
toegankelijk gemaakt worden voor mensen met een functie-
beperking (tijdpad, verantwoordelijke afdeling of organisatie,
financiering),
· Toekomstige samenwerking met belangenorganisaties van mensen
met een functiebeperking:
- mogelijke modellen voor samenwerking met lokale belangen-
organisaties van mensen met een functiebeperking.
Evaluatie en herziening
· Procedures voor evaluatie en herziening van het plan: wanneer en hoe.
72
Het Nationaal Revalidatie Fonds:
actief voor mensen met een handicap
Een speciale fiets voor dwarslaesiepatiënten, vierhandengebarentaal voor doofblinde
mensen en met je stem te besturen computers voor mensen met een motorische handicap.
Het zijn slechts enkele van de vele projecten die door het Nationaal Revalidatie Fonds (NRF)
worden gesteund en gestimuleerd. Ook de productie van het document Agenda 22
is gerealiseerd met steun van het NRF. Het NRF vindt het belangrijk om met de publicatie
van de Agenda 22-methode bij te dragen aan het volwaardig burgerschap in de eigen
plaatselijke omgeving.
Colofon:
Doel van het NRF is om mensen met een handicap volwaardig deel te laten nemen
aan de maatschappij, ongeacht de aard of oorzaak van de functiebeperking.
Het NRF stelt financiële middelen beschikbaar aan niet-winstbeogende instellingen als
verenigingen en stichtingen voor projecten die een bijdrage leveren aan de brede terreinen
© Zweden: Handikappförbunden samarbetsorgan HSO, 2001
van preventie, revalidatie en (re)integratie.
(Samenwerkingsverband van gehandicaptenorganisaties)
Post Office Box 1386; SE 172 27 SUNDBYBERG, SVERIGE
Redactie: Maryanne Rönnersten
Tel: +46-8-546 404 20; Texttel: +46-8-546 404 50; Fax: +46-8-546 404 44;
E-mail: hso@hso.nl; Website: www.hso.se
J.F. Kennedylaan 101
3981 GB BUNNIK
© Nederland: Chronisch zieken en Gehandicapten Raad Nederland (CG-Raad), 2003
Telefoon: 030-6572022
Postbus 169, 3500 AD UTRECHT
Fax: 030-6570517
(Tekst)tel: +31-(0)30-2916600; fax: +31-(0)30-297011
E-mail: nrf@revalidatiefonds.nl
E-mail: bureau@cg-raad.nl; website: www.cg-raad.nl
Internet: www.revalidatiefonds.nl
Productiebegeleiding: CG-Raad, Rika Detmers
Bestellijn: +31-(0)30-2916650
Giro: 953
Vertaling: Bureau Vlinderveen Services, Vlinderveen 465, 3205 EE SPIJKENISSE
Redactie: Bureau Dubbel M, Kerkpad Zuidzijde 35, 3764 AM SOEST
Grafische productie: Tailormade, Postbus 725, 4116 ZJ BUREN
Gemeenten
Beleid voor mensen met een functiebeperking
Gemeenten
Beleidsontwikkeling voor mensen
In 1993 nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties unaniem de 22 Standaard-
regels voor Gelijke Kansen voor mensen met een handicap aan.
met een functiebeperking
Om te bouwen aan een samenleving waarin iedereen volwaardig burger kan zijn en ook zo
wordt gezien, is een planmatige en systematische benadering nodig. De Zweedse beweging
instructies voor gemeenten
van gehandicapten heeft een methode ontwikkeld waarmee gemeenten, en lokale belangen-
organisaties en platforms beleid kunnen maken dat gebaseerd is op de Standaardregels.
Deze methode, Agenda 22, is beschreven in deze publicatie en houdt in dat:
· de 22 Standaardregels als uitgangspunt worden genomen
· gemeenten en lokale zelforganisaties nauw samenwerken bij het ontwikkelen van beleid
voor burgers met beperkingen
· het beleidsplan concrete maatregelen en voorzieningen bevat, alsmede een plan van aanpak
voor de uitvoering van het beleidsplan
De Zweedse en Nederlandse gehandicaptenbeweging hopen dat de Agenda 22 methode aan-
knopingspunten en ideeën biedt om tot een goed beleidsplan voor burgers met beperkingen
te komen.